Jan van den Noort, Licht op het GEB
info
vorige volgende
In 1911 werd de Staatscommissie-Van IJsselsteyn ingesteld om te beoordelen welke kant het uit moest met de Nederlandse elektriciteitsvoorziening. We kennen voorzitter H.A. van IJsselsteyn van de tijd dat hij nog adjunct-directeur van de Rotterdamse Dienst Gemeentewerken was en intensief was betrokken bij de bouw van de elektriciteitscentrale Oostzeedijk. Onder invloed van de Staatscommissie-Van IJsselsteyn werd gekozen voor grootschaligheid. Met grote centrales kon elektriciteit tegen een lage prijs worden geproduceerd. Door de centrales te koppelen kon de overtollige capaciteit in het ene verzorgingsgebied worden ingezet als een ander gebied met tekorten zat. De Staatscommissie benadrukte ook het belang van elektriciteit voor de industrialisatie van het platteland: 'Thans worden in ons vaderland tal van industrieën, als het ware kunstmatig, in de grootere steden te zamen gedrongen ... Daardoor ontstaat een trek naar de groote steden, die in onderscheiden opzicht bedenkelijk mag heeten.' (Fotografie J. van der Rijk, Rotterdam, GAR, Atlas, portretten)
H.A. van IJsselsteyn